Onbesuisde avonturen en vertrouwen in de mensheid
- Lon

- 24 mrt 2025
- 3 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 5 okt 2025
Echt hè, ik heb absoluut nergens spijt van, maar als mijn dochters alle flauwekul hadden uitgehaald die ik vroeger uithaalde, was ik op zijn zachts gezegd niet blij geweest.
Als dertienjarige sloop ik, samen met mijn zus en een vriendin, regelmatig in het holst van de nacht uit het huis van mijn oma. Om te gaan zwemmen in zwembad Klarenbeek bijvoorbeeld (iedereen wist precies waar je onder het hek door kon kruipen). Maar vaak ook om te gaan lellebellen bij de kazerne een paar honderd meter verderop. Onze ouders zullen best even gezucht hebben toen ze gebeld werden omdat we op kazerneterrein aangehouden waren door de marechaussee.
Nog steeds 13 en nog steeds stiekem uitglippend, ging ik ook veelvuldig het Arnhemse uitgaansleven in (dat kon toen nog gewoon op je 13e, leeftijdsgrenzen had nog nooit iemand van gehoord). Dansen tot sluitingstijd en dan midden in de nacht op blote voeten (want pijn) teruglopen naar het huis van oma in Klarendal; in de jaren 80 best een beruchte wijk, met als ‘hoogtepunt’ de volksopstand in 1988.
In datzelfde Klarendal ontmoette ik op straat ook eens een TBS’er op weekendverlof. Ik verzin het niet, ik trek zulke dingen aan. In die tijd zat ik in mijn Marilyn Monroe fase en zo zag ik er dan ook uit. Inclusief jarretels en rode lippenstift. Beetje afwijkend voor een, ik denk inmiddels 15-jarige, en dat bleek wel, want ik trok de gekste types aan. Die ik vervolgens vrolijk mee naar huis nam om mee te eten. Dat dezelfde gast later twee keer bij ons heeft ingebroken, had geen verrassing mogen zijn.
Nog zo’n vreemde ontmoeting in diezelfde tijd was met een Amsterdamse fietsenmaker op het station, waarbij ik spontaan achter op de motor stapte. In Amsterdam ging ik met hem voor het eerst naar een coffeeshop, waarna ik in slaap viel op een feestje bij volslagen vreemden. En zo kan ik je nog heel veel meer verhalen vertellen.
Het mooiste is misschien nog wel dat ik in die tijd nog volslagen onschuldig en onbedorven was. Zo naïef als een looien deur, zoals mijn moeder altijd zo mooi zegt, en vol vertrouwen in de mensheid. Ik vond alles leuk en spannend en nam iedereen mee naar huis. Zonder bijbedoelingen. En hét bewijs dat de meeste mensen toch echt wel deugen, was dat dat dus ook gewoon goed ging. Ik bedoel, ik had met alle gemak verkracht en vermoord kunnen worden, maar dat gebeurde niet.
Mijn ouders vonden alles best, waardoor ik ook de gelegenheid had om al deze avonturen te beleven. Sterker nog, mijn moeder was, of eigenlijk is, precies hetzelfde. In de jaren 70 en 80 nam ze zelf ook de meest rare snuiters mee naar huis in het kader van projecten als gast aan tafel, als vrijwilliger met moeilijk opvoedbare kinderen of daklozen, ik keek nergens meer van op.
Maar vriendin, dit was een heel lang uitstapje (ADHD anyone?) in een opmars naar mijn Parijs-avontuur. Laat ik die voor de volgende keer bewaren. En zo terugdenkend, heb ik hier toch een aantal lessen uit geleerd. Ten eerste dat de meeste mensen deugen. Ten tweede dat ik enorm mazzel heb gehad. En ten derde dat het gouden tijden waren. Maar als mijn dochters ook maar één van deze capriolen zouden uithalen, zat ik nu met een hartslag van 180 aan de valeriaan.
Dus ja, ik heb nergens spijt van. Maar man, wat ben ik blij dat mijn kinderen verstandiger zijn dan ik was. Echt. Heel. Erg. Blij.




Opmerkingen